TPAW: niet lui achterover hangen

Nog steeds krijg ik gemengde reacties als ik vertel hoe ik mijn werk kan en vooral ook mag uitvoeren. Tevens gaat het al snel over thuis werken. Maar TPAW (Tijd Plaats Apparaatonafhankelijk Werken) is echt zoveel meer dan alleen maar het beslissen waar je gaat werken.

Geen pretpakket

TPAW maakt het mogelijk dat jouw werkzaamheden niet geblokkeerd worden door afstanden tussen jou en je collega´s. Dat gaat niet vanzelf, maar daar moet in geïnvesteerd worden en beter nog, aangevuld worden door het enthousiasme en de ervaring van volgers.

Met de voeten omhoog
Luieren in de zon

Wat TPAW niet is, is een pretpakket. We kennen dat allemaal nog wel uit onze middelbare schooltijd.  Een lespakket kiezen om met 2 vingers in de neus de tijd door te komen. Het achterover leunen in de zon met de voeten omhoog en ergens tussendoor werken is een beeld wat bestaat van TPAW. In feite moet dat ook geen probleem zijn, maar het is niet de drijfveer om op een dergelijke manier te werken. Zie TPAW meer als een mogelijkheid om juist van de mooiere momenten in het dagelijks leven te kunnen genieten en dat niet het ene ten koste moet gaan van het werk of andersom. Zoals ik eerder aangaf, dat vraagt wel een investering van ook jezelf.  De werkgever biedt je de middelen en de mogelijkheden. Jij laat zien wat het kan opleveren.

Het voorbeeld geven

Laat zien aan collega’s dat je niet altijd 2 uur hoeft te reizen, om elkaar een half uur fysiek te spreken. Heb je een device om te kunnen videobellen, maak er ook gebruik van. Het is vaak angst bij anderen om erover te beginnen of tegenzin om er gebruik van te maken: “Ik ga niet via zo’n schermpje praten.” Intussen gaan we wel Skypen en Facetimen met familieleden in verre oorden. En het videobellen in Whatsapp is al voor velen een gemeengoed. Waarom niet in de werkomgeving? De vraag is vaak wie ermee gaat beginnen en het voorbeeld geeft. Of het openstellen van de agenda’s en deze ook duidelijk vullen, zodat een ander bij een blik weet wanneer je wel of niet beschikbaar bent, maar ook gezien het voorgaande, waar je een bepaalde dag werkt. Aan de andere kant is het lezen van andermans agenda ook nog regelmatig een dingetje. Het direct versturen van een agendaverzoek is nou eenmaal makkelijker dan het vergelijken van agenda’s.

Als een vis in het water

IMG_20180724_004653_254
Als een vis in het water

Gekscherend ben ik op de bijgaande foto bijna letterlijk een vis in het water, maar TPAW heeft mij wel een werkomgeving geboden waardoor ik me zo voel. Zoals in het heerlijke blauwe zeewater, ben ik in een TPAW werkomgeving in m’n element. Het biedt mij zowel in mijn werk als in mijn privé leven de plussen die ik zoek. De minnen zijn er ook wel, maar wegen wat mij betreft veel minder mee. Dat is niet iets wat is aan komen waaien, maar dat heeft zich zo in de loop der jaren ontwikkeld door her en der zelf bij te sturen.

Op naar een volgende blauwe zee.

Advertenties

TPAW begint bij jezelf

Het Rijksvastgoedbedrijf heeft het TPAW omarmt en dat biedt mogelijkheden voor de werknemer. Ik heb eerder geschreven dat ik het geen recht vind, maar dat het maatwerk moet zijn tussen werknemer en leidinggevende. Een opmerking die regelmatig voorbij komt op het moment dat een organisatie conform TPAW gaat werken is: “We hebben tegenwoordig TPAW, dus ik wil 1 dag in de week thuis werken met een laptop van de zaak.”

Behoeften en technische middelen

TPAW begint bij jezelf. Dat lijkt een voor de hand liggende gedachte, want veel in het leven begint bij jezelf, maar toch. Als ik om me heen kijk en luister dan kan ik niet anders concluderen dan dat de invulling van het gehele TPAW verhaal in eerste instantie soms vanuit de technische invulling wordt bekeken: “Welke middelen zijn er en hoe kan ik ze gebruiken versus wat wil ik bereiken en wat heb ik hiervoor nodig?”

De beschikbare hulpmiddelen zijn tools en geven zoals gezegd hulp bij het in- en uitvoeren van TPAW. Het is geen doel op zich om die tools te gaan gebruiken. Het begint bij het bedenken van een manier van werken die voor zowel de werkgever als voor jezelf goed werkt. Eén van de volgende stappen is het bepalen wat je daarvoor nodig hebt en wat de mogelijkheden zijn.

Toen ik op een andere manier ging werken merkte ik al snel dat mijn behoeften in de manier van werken veranderd waren ten opzichte van de vijfdaagse werkweek in Eindhoven die ik voorheen had. Van daaruit bekeek ik wat de mogelijkheden waren vanuit de organisatie en wat zou mij kunnen ondersteunen?

Investeren

Ga niet achterover liggen en wachten totdat je een zogenoemd “TPAW pakket” krijgt aangeboden, waarbij iemand anders voor jou invult hoe je TPAW kunt hanteren. De werkgever met een TPAW gedachte biedt jou de mogelijkheid om gebruik te maken van de mogelijkheden. Maak hier gebruik van indien het mogelijk is en zeker als het je kan helpen bij het balanceren tussen werk en privé of bij het werkzaam zijn op verschillende locaties.

Achterover
Foto: Ronald van Lieshout

Verkeersregelaars

Een treffend voorbeeld van “het bij jezelf beginnen” zie ik bijna dagelijks op mijn looproute van Den Haag Centraal naar het Rijksvastgoedbedrijf op de Korte Voorhout in Den Haag. Ik passeer daarbij nog de Prinsessegracht en de Casuariestraat. Sinds enige tijd staan daar op bepaalde momenten verkeersregelaars, zoals bij een kruispunt, een zijstraat en een zebrapad……jawel, bij een zebrapad. Blijkbaar is het nodig dat er iemand op een zebrapad gaat staan die aangeeft dat je daar voor gaat stoppen indien er iemand oversteekt.

In dit voorbeeld zijn hulpmiddelen ingevoerd die zouden moeten helpen in het dagelijkse verkeer, maar die zijn van weinig toegevoegde waarde als de persoonlijke invulling niet goed is.

Inmiddels ben ik Zuid-Holland binnen getreind en komen de tunnels bij Rotterdam en Delft eraan , dus ga ik maar eens op “Publiceren” drukken voordat ik van mijn 4G internetverbinding word verstoten.

Dat is ook TPAW, inspelen en voorbereiden op veranderingen.

TPAW begint bij jezelf.

Niet in balans maar balanceren

De Ambtenaar 2.0 Dag 2017 komt eraan en dat is ieder jaar weer een mooi moment om eens buiten kaders te denken en hier met elkaar over te sparren. Hoe gaat de Rijksoverheid om met veranderende behoeften bij toekomstige medewerkers? Zal de traditionele werkdag gaan verdwijnen en komt er maatwerk voor in de plaats? De maatschappij lijkt hierin de traditionele patronen te doorbreken. De huidige jongere generatie groeit op met diversiteit en flexibiliteit. Moet dat op een gegeven moment opzij geschoven worden zodra deze generatie aan de slag gaat op de arbeidsmarkt? Ook kijkend naar het Tijd, Plaats en Apparaatonafhankelijk Werken (TPAW), dan kunnen we niet anders stellen dan dat ‘onze’ kinderen later wellicht zeggen: ”Moest jij nog verplicht naar een kantoor gaan? Dat is zó 1.0!”

Rijksdienst van de toekomst

In mijn eigen stad Eindhoven heb ik een bijeenkomst bijgewoond, waarbij vertegenwoordigers uit verschillende hoeken van de Rijksoverheid bij elkaar kwamen om te spreken over de Rijksdienst van de toekomst. Ik mocht ook aanschuiven en het was interessant om daar met elkaar over te brainstormen. Wederom was ik voornamelijk nieuwsgierig naar flexibiliteit in de manier van werken. TPAW kwam enkele malen naar voren en het was nog opvallend vaak dat dit werd vertaald in thuiswerken. De focus deze middag lag vooral op hoe de Rijksdienst een aantrekkelijke werkgever kan zijn voor toekomstige ambtenaren en waar willen we staan als Rijksdienst. Mijn overtuiging is hetzelfde als wat ik eerder beschrijf en dat is dat er meer maatwerk moet gaan plaatsvinden in de manier van werken, maar ook in het inrichten van functieprofielen. Want geloof het of niet, niet iedereen is op zoek naar een ‘steady job’ van maandag tot en met vrijdag binnen de gezette tijdskaders. Juist de flexibiliteit en de uitdaging zijn wellicht grote(re) drijfveren bij de volgende generatie.

Balanceren

Waar ik voorheen nog sprak over de balans tussen werk en privé, ben ik er nu van overtuigd dat je niet in balans hoeft te zijn, maar dat je wel steeds meer balanceert.

Balanceren
Foto: Ronald van Lieshout

Het ene moment is het linksom, het andere moment rechtsom. Dit inzicht kreeg ik na een met koffie gevuld TPAW gesprek met een mede TPAW-aanhanger en daar kan ik me prima in vinden. Juist bij het werken conform TPAW anticipeer je op veranderingen en ontwikkelingen en dat gaat niet altijd in evenwicht, maar je maakt wel afgewogen keuzes. Ofwel je moet kunnen balanceren.

Kinderen

Misschien is dit een vergaande gedachtespinsel van mijn kant, maar ik vind het wel opvallend dat we kinderen meegeven dat regelmaat belangrijk is en dat vaste patronen nodig zijn om een goede basis te hebben, waarmee kinderen zich kunnen ontwikkelen. Zeker omdat ik als vader ook zie dat mijn kind in een andere wereld opgroeit dan dat ik dat deed tig jaartjes geleden. Maar er zijn ook nog steeds dezelfde principes. Vaste tijden dat je naar school gaat, naar 1 locatie met ieder een eigen plek in de klas. Uiteraard allemaal prima natuurlijk en dat hoort eenmaal bij het schoolwezen. Maar laat dit nou net iets zijn, waar wij nu als volwassenen vaak graag vanaf willen stappen met het oog op TPAW. Dus ik kan nu nog tegen mijn dochter zeggen: ”Dat is zó 1.0!”

Maar wellicht denk ik te ver door nu….of?? Op naar 3.0!

TPAW is soms een sprong in het diepe

Inmiddels is bij het Rijksvastgoedbedrijf de term HNW al enige tijd vervangen door TPAW, ofwel Tijd, Plaats en Apparaatonafhankelijk Werken. Het gedachtegoed blijft hetzelfde…resultaatgericht werken in plaats van locatiegericht denken. Het nieuwe samenwerken komt hierbij steeds meer naar voren. Andere manieren van elkaar opzoeken in plaats van de automatismen van elkaar zien in een kantoorkamer.

De adem inhouden

Ook al zijn de “nieuwe” manieren van werken, of beter gezegd andere manieren van werken, voor velen gemeengoed geworden, toch is het voor anderen nog steeds een sprong in het diepe, waarbij men de adem inhoudt bij wat er allemaal op ze af komt. De manager die met scepsis de van hogerop “opgelegde” regels moet gaan toepassen is nog steeds een actueel beeld binnen een organisatie. Juist daar ontstaan de obstakels voor medewerkers om een andere manier van werken te vinden, die wellicht beter past bij de balans tussen werk en privé.

De adem inhouden
Foto: Ronald van Lieshout

Eigen verantwoordelijkheid

Maar ook bij de medewerkers zelf liggen obstakels. Hoe gaat men om met juist die niet flexibele manager. Wordt dat als feit aangenomen of neemt iemand de eigen verantwoordelijkheid om het dialoog aan te gaan. Laten zien dat er andere manieren van werken zijn, die voor zowel de organisatie, de manager als de medewerker profijt kunnen opleveren. Dit kan vastgelegd worden in regels en wetten, zodat de medewerker in ieder geval een basis heeft waarop gesteund kan worden, maar ik hou meer van het “laten zien dat iets werkt”. Eerst bewijzen dat je kunt autorijden voordat je je rijbewijs krijgt in plaats van andersom…dat is toch ook vanzelfsprekend?

Nieuw bloed, nieuwe inzichten

Het Rijksvastgoedbedrijf heeft een fusietraject achter de rug en dit gaf met het oog op TPAW nieuwe inzichten. De ambassadeurs TPAW, die nog steeds als olievlek fungeren binnen de organisatie, hebben nieuw bloed gekregen vanuit de fusiepartners en dat geeft weer andere richtingen door de inbreng en initiatieven vanuit deze nieuwe ambassadeurs. Zo is het “genetwerkt samenwerken” vanuit Defensie een term die steeds meer valt binnen het Rijksvastgoedbedrijf.

Langzaam richting een nieuw jaar

De kerstvakantie komt langzaam aan in de buurt en dan beginnen we weer met frisse voornemens aan 2018. Met terugwerkende kracht hebben de vakbonden nog net in 2017 samen met het ministerie van Binnenlandse Zaken een resultaat bereikt over een nieuwe cao voor rijksambtenaren per 1 januari. Mijn voornemen is om daar iets leuks mee te gaan doen. Tot schrijfs.

 

Recht op flexibel werken?

Ik las eens een artikel over de plannen om medewerkers de mogelijkheid te geven om de werkweek flexibeler in te richten, tenminste als het aan de Tweede Kamerleden Eddy van Hijum (CDA) en Linda Voortman (GroenLinks) ligt. Middels een wetsvoorstel in meer CAO’s afspraken vastleggen over flexibel werken met als doel om door een cultuuromslag, flexibel werken beter bespreekbaar te maken. Kijkend naar mijn eigen manier van werken, ondersteun ik deze plannen in eerste instantie uiteraard. Het biedt de mogelijkheid een goede balans te zoeken en te vinden tussen werk en privé.

Denk ik er langer over na, dan begint er toch een klein beetje iets te knagen. Wordt flexibel werken, of wellicht anders gezegd, Het Nieuwe Werken (HNW) hierdoor beter bespreekbaar? Een feit blijft toch dat flexibel werken beïnvloed wordt door onder andere de aard van de werkzaamheden van de medewerker. Niet elke functie leent zich er voor. Moet het meer flexibel kunnen werken dan toch een aanpassing krijgen in een CAO of moet het maatwerk zijn en blijven tussen een leidinggevende en de medewerker?

Foto: Ronald van Lieshout

Waar bij mij de schoen wringt, is dat ik vind dat flexibel werken geen recht is, maar een dienst vanuit de werkgever. Ik zeg niet dat je bij voorbaat geen recht hierop hebt hebt op werken conform, maar je moet wel laten zien dat je het kunt en dat het werkt voor beide partijen. Juist hierdoor kan het als een olievlek werken binnen de organisatie en een goed voorbeeld geven voor anderen. Communicatie hierover is van belang via bijvoorbeeld het eigen intranet, een Yammer-groep, social media of ‘mond tot mond reclame’. Een cultuuromslag kan hierdoor gaan ontstaan. Meer nog dan een aanpassing in een CAO. De cultuur wordt immers gemaakt en aangepast door de werknemers, niet door regels in een boekwerk.
Dus mijn gevoel is dubbel. Als wordt gezegd dat het flexibel werken meer afspraken moet krijgen in de CAO’s dan ondersteun ik dat. Flexibel werken vereist ook duidelijke afspraken. Maar om daarmee de cultuuromslag te krijgen en het beter bespreekbaar te maken, dan zeg ik, daar zijn andere (betere) manieren voor en laat het flexibel werken maatwerk zijn tussen de leidinggevende en de medewerker en evalueer het elk jaar.

Maar wie ben ik? Uiteindelijk gaat het er om dat het flexibel werken wel of niet werkt. En hoe dat ingeregeld moet worden, is voor elke organisatie of bedrijf anders, ofwel…maatwerk.